‘We moeten toewerken naar dedicated stollingsteams’

12 mei 2021

‘Antistollingszorg is momenteel een taak van iedereen en dus van niemand’, aldus Marcel Hovens, vasculair internist in het Rijnstate Ziekenhuis in Arnhem en betrokken bij de mProve-werkgroep Antistolling. Hovens zet zich al sinds het begin van zijn loopbaan  in voor de ontwikkeling van antistollingsbeleid. Om de antistollingszorg te verbeteren moeten er volgens hem toegewijde stollingsteams worden opgezet.

Door de jaren heen is antistollingszorg een complexe taak geworden. In sommige gevallen moet een boekwerk van protocollen worden doorgespit om een gedegen inschatting te kunnen maken van passende medicatie. Vervolgens bestaat er soms alsnog de behoefte om iemand te bellen voor advies. Kostbare tijd die volgens Marcel Hovens bespaard kan worden met behulp van een goed uniform stollingsprotocol, waarbij een toegewijd stollingsteam onmisbaar is voor de implementatie daarvan. ‘Iedereen in het ziekenhuis weet dat antistolling belangrijk is’, zegt Kees Smulders, projectleider mProve Antistolling. ‘Ernaar handelen is een ander verhaal.’

mProve Antistolling
Marcel Hovens en Kees Smulders zijn allebei betrokken bij de mProve-werkgroep Antistolling. MProve is een netwerk van inmiddels zeven samenwerkende ziekenhuizen. Eén van hun speerpunten is een veilige organisatie van antistolling voor de patiënt. Sinds 2017 organiseert de werkgroep tweejaarlijks de zogenaamde meetweek. Een aantal aspecten van stollingszorg worden hierin uitgelicht. De vraag ‘hoe goed doen we het?’ leidt tot inzichten in de best practices van deelnemende ziekenhuizen. Resultaten van de meetweek worden onderling gedeeld en besproken; vanuit de werkgroep wordt vervolgens een verbeterplan opgesteld. De individuele ziekenhuizen gaan hiermee aan de slag.

Tijdens de meetweek in 2019 zijn er vier kwaliteitsindicatoren geëvalueerd: tromboseprofylaxe, trombose/longembolie na een opname, antistollingsbeleid rondom epiduraalkatheters en antistollingsbeleid bij ingrepen. Een uitgebreide evaluatie van de resultaten is te lezen in een publicatie in Medisch Contact. De meetweek, in feite een terugkerende PDCA-cyclus, heeft tot een aantal belangrijke inzichten geleid. Meest opvallend is het nagenoeg perfecte verloop van de antistollingszorg rondom epiduraalkatheters. Hierbij is de score, op één patiënt na, 100 procent. ‘Het kán dus wel’, zegt Hovens. ‘Bij de plaatsing van epiduraalkatheters is er sprake van een landelijk ingebed protocol dat in alle ziekenhuizen is uitgewerkt. Daarnaast is er een heel dedicated team betrokken dat dondersgoed weet waar het op moet letten. Dit zijn leerelementen uit een heel goed voorbeeld dat we in alle ziekenhuizen tegenkwamen; het zou mooi zijn als we dit in de bredere stollingszorg kunnen inzetten.’

Transmurale connectie
Een toegewijd stollingsteam dus, want er is op veel vlakken nog ruimte voor verbetering. Hovens: ‘We moeten echt toewerken naar een stollingsteam dat niet alleen de lange termijn uitzet en kijkt of de protocollen nog up to date zijn, maar dat ook betrokken is bij de dagelijkse zorg. Een team dat elke zorgmedewerker kan ondersteunen in soms lastige beslissingen omtrent het stollingsgebruik van de patiënt. Het voordeel is dat dit ook de connectie kan zijn naar huisartsen, de trombosedienst en eventueel expertiseteams in academische centra. Als je zo’n betrokken stollingsteam versterkt, bouw je daarmee aan zeggingskracht en kan het ondersteuning bieden voor transmurale afspraken, kwaliteitsbeleid en scholing. Daarbij is de drie-eenheid van een dagelijkse casemanager, een betrokken kwaliteitsmedewerker en voldoende input van medisch specialisten essentieel.’

Financiële kwestie
Het is niet altijd even makkelijk om een stollingsteam op te zetten. ‘Als het erop aankomt, moet het betaald worden. Heel vaak is het een financiële kwestie’, zegt Smulders. ‘Het kan ook liggen aan de lokale cultuur, uitkomsten van de medische stafvergadering, opvattingen van de raad van bestuur, persoonlijke inzichten of een gebrek aan landelijke sturing’, vult Hovens aan. ‘Een heleboel facetten spelen een rol en dat is lokaal heel wisselend.’ ‘We zijn sinds 2014 bezig met het opzetten van een stollingsteam en de bewustwording rondom het belang is er nu bij de raad van bestuur’, zegt Smulders. ‘Met het aantonen van de resultaten van mProve proberen we ervoor te zorgen dat andere raden van bestuur dat bewustzijn overnemen.’ Hovens: ‘Het is heel waardevol om op basis van input en getallen inhoudelijke argumenten aan te kunnen dragen.’

Uitbreiden en verder verbeteren
De eerste twee meetweken hebben geleid tot waardevolle inzichten, maar het werk is nog niet af. ‘We hebben heel veel geleerd van elkaar binnen mProve, dat is fantastisch. Het zou fijn zijn als we die leeromgeving nog verder kunnen uitbreiden naar andere ziekenhuizen zodat we meer domein hebben om van te leren en tot best practices te komen.’

Marcel Hovens hoopt dat het programma Tijd voor Verbinding kan helpen in de verbetering van de antistollingszorg in Nederland, door bij te dragen aan landelijke inkadering. ‘Het zou mij als stollingsdokter helpen om een landelijk kader te hebben met als uitgangspunten een eenduidig protocol, goede scholing, een betrokken stollingsteam en daarbij een goede kwaliteitscyclus. Dan kan ik hardmaken dat het niet alleen leuk, interessant en mijn passie is. Het kan me helpen om de lokale situatie daadwerkelijk verder te verbeteren. Met als uiteindelijke doel de patiënt veiliger en beter behandelen; daar doe je het voor natuurlijk.’

Toestemming plaatsen cookies

Deze website maakt gebruik van functionele, statistische en social media & overige cookies. Als u wilt aanpassen welke cookies en scripts gebruikt mogen worden, kunt u hieronder uw instellingen wijzigen.

Meer informatie is beschikbaar in de privacy- en cookiestatement.